|
|
|
| OnderwijsvernieuwingOnder invloed van onderzoek naar de manier van leren en de effecten van bepaalde methoden, verandert het onderwijs de laatste jaren.Welke vorm het beste aansluit bij een bepaald doel is niet eenvoudig te zeggen. Hiervoor spelen er te veel factoren een rol. Om er één te noemen: het enthousiasme waarmee docenten een nieuwe vorm implementeren en gebruiken, bepaald voor een groot deel het succes van de methode. Hieronder een korte opsomming van veel gebruikte onderwijsvormen. De lijst is
niet volledig. Zelfstandig werkenDe docent beheert de meeste processen: het vaststellen van de leerdoelen;
het kiezen van de leerstrategie; het controleren van de vorderingen en tot slot
het meten en vaststellen van de resultaten. De leerling hoeft alleen de gegeven
opdrachten zelfstandig uit te voeren. Hoe en wanneer is door de docent bepaald. Zelfstandig lerenLijkt op zelfstandig werken, maar nu mag de leerling ook zelf de
strategie kiezen. Zelfverantwoordelijk lerenDit gaat nog een stap verder dan zelfstandig leren. In principe kun je
alle stappen van het leren aan de leerling overlaten. Lang niet elke school zal
het vaststellen van de leerdoelen en de resultaten zomaar overdragen aan
leerlingen. Uiteraard is het verstandig de leertaken geleidelijk over te dragen
en de leerlingen daarin te begeleiden. PgoProbleem gestuurd onderwijs. Bedacht in Maastricht als antwoord op de
vraag hoe leerlingen actiever aan het leren te krijgen. Een zo reëel mogelijk
probleem staat centraal. In deelproblemen moeten groepjes leerlingen (in vaste
stappenplannen) oplossingen vinden. De leerlingen bepalen zelf welke taken door
wie worden aangepakt. Ook is er regelmatig evaluatie over de gehanteerde aanpak. ProjectonderwijsOok hier staat een probleem centraal. Liefst een reële vraag vanuit het bedrijfsleven. Projectonderwijs laat de leerlingen veel vrijer dan PGO, er is niet een dwingende opdeling in deelstappen. Wel kent projectonderwijs vaste projectstappen om de kans op succes groter te maken. Veel vrijheid en aanpassing aan persoonlijke wensen van leerlingen mogelijk.
|
| authentieke leertaken | |
| ondersteunende informatie | |
| JIT, informatie nodig om routine-matige deeltaken uit te voeren, deze wordt aangeboden op het moment dat het nodig is | |
| deeltaakoefening, sommige deeltaken kunnen en moeten apart geoefend worden. |
Verder biedt het model een gestructureerde methode om het onderwijs te
ontwerpen. Alle stappen zijn gebaseerd op recente inzichten uit de
onderwijspsychologie.
In het traditionele onderwijs wordt er lesgegeven in vakken. Het is aan
de student om de kennis en vaardigheden samen te voegen tot een geheel of een
beroep. Een veel gestelde vraag is dan ook: 'waar heb ik dit voor nodig'.
Competentiegericht leren gaat uit van een beroep dat iemand wil leren
uitoefenen. Uitgezocht is welke competenties iemand daar voor nodig heeft. De
student moet kunnen aantonen dat hij deze competenties beheerst.
Een competentie wordt wel gedefinieerd als een combinatie van kennis,
vaardigheden en beroepshouding.
Binnen een virtueel bedrijf probeert met de ontwikkelingen van de
maatschappij, het bedrijfsleven en het onderwijs te integreren. Naast een
organisatie waar geleerd kan worden, is de organisatie zelf ook lerende.
Een belangrijk kenmerk van een virtueel bedrijf is de integratie van leer- en
werkprocessen: de kennis en vaardigheden die opgedaan worden, moeten toegepast
worden in de praktijk. Ook worden de kennis en vaardigheden zoveel mogelijk
opgedaan in authentieke situaties.
|
|